A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Troas


  

Troas (Alexandria)

 

Troas heette voluit Troas Alexandrina.Je ziet dat Troas aan de Dardanellen ligt en vlak bij Troje en het eilanhd Lesbos

Kom over en help ons.

 

Dit is de haven van Troas. Hier kreeg de apostel Paulus in de nacht een gezicht: Er stond een Macedonier aan de overzijde, die hem toeriep:"Steek over naar Macedonie en help ons". Aan de overkant van de smalle zeestrook lagen Macedonie en Griekenland. De hoofdstad van het bijbelse Macedonie was Tessalonica. De eerste steden die Paulus daar zal bezoeken zijn Filippi, Berea en Tessalonica

In een schitterend drama wordt onder het gejuich van duizenden het Paard van Troje binnengehaald, waarin vijandige soldaten zich verschanst hadden. De ruines van Troje liggen nu in de regio Troas

Resten van een riant badhuis in Troas

 

Troas ligt dicht bij Troje. Als je de weg naar Troas ( wat nu één grote ruïne is) vraagt, verwijzen de Turken  je altijd naar Troje.

Troas is onbekend voor hen.Ter herinnering aan de Trojaanse Oorlog staat bij de ingang van de opgravingen van Troje een groot houten paard. In het Nederlands kennen wij de uitdrukking: het houten paard inhalen, wat betekent je ongemerkt kwaad op de hals halen.

 

Wat er van Troas over is, is slechts een ruïne.

Als in zoveel plaatsen in het huidige Turkije heeft een aardbeving de stad verwoest.

 

Troas en Troje

Vlak bij de ruïnes van Troje liggen de puinhopen van Troas. Wat zij gemeenschappelijk hebben zijn deze puinhopen en het feit dat beide plaatsen de toegang geven tot de Zwarte Zee. In de tijd van Paulus hadden deze steden daarom een strategische positie. Als je vandaag gaat dwalen over de ruïnes van deze steden, merk je pas goed hoe groot en belangrijk ze vroeger geweest moeten zijn.

Op de puinhopen van Troas gaan mijn  gedachten terug naar het verleden. 

Hier heeft Lucas zich dus bij Paulus gevoegd. Hier woonde  Carpus.

 Hier heeft Paulus zijn perkamenten laten liggen. Hier heeft Paulus zo’n lange preek gehouden, dat Eutuches in slaap viel,  en hier zijn  Paulus en Lucas   naar Europa overgestoken.

 Nog niets is opgegraven! Heerlijk om hier rond te scharrelen.

Lucas scheepsarts?

Ik vermoed dat Lucas scheepsarts geweest is.

Het is ook opvallend dat Lucas veel meer details meedeelt over  zeereizen dan over landreizen.

Hij was in ieder geval erg geïnteresseerd in alles wat met zeereizen te maken had. 

 Misschien was hij een amateur-zeiler.  Hij was in ieder geval arts : de geliefde geneesheer Lucas laat u groeten [1].

Zijn nauwkeurige mededelingen over scheepvaart en scheepvaartverbindingen maken aannemelijk  dat hij zijn beroep vooral in zeesteden heeft uitgeoefend. Lucas kende de zeekaarten en was zeer goed op de hoogte van de indeling der Romeinse provincies.

Waarschijnlijk zal hij ook enkele reizen meegemaakt hebben als scheepsarts. In vroeger tijden maakt niemand voor zijn plezier een zeereis, hij deed het alleen als zijn beroep dit van hem eiste.

En Troas was natuurlijk met zijn vele Griekssprekende matrozen uit Macedonië een uitstekende tijdelijke verblijfplaats voor een scheeparts, die zelf niet  van joodse afkomst was, maar een Griekssprekende Antiochener, zoals de meeste Lucaskenners aannemen. In ieder geval heeft Paulus Lucas in Troas ontmoet.

Troje en Troas

Als je vandaag de bewoners van deze streek de weg vraagt naar Troas, verwijzen ze je prompt naar Troje.  'O, u bedoelt natuurlijk Troje'. 'Nee, ik bedoel Troas' "Nooit van gehoord'.  De naam Troje komt niet voor in de bijbel.  Des te meer de naam Troas.

Troje is natuurlijk bekend geworden door de belegering door de Grieken.

In het heldendicht de Ilias van Homerus worden de heldendaden van de Grieken bezongen. U hebt natuurlijk wel eens gehoord van de list met het houten paard.

De schat van de Trojaanse koning Priamus bevindt zich sinds 1945 in het Poesjkinmuseum te Moskou. 

De ligging van Troas

De volledige naam van Troas was Alexandreia Troas. Alexander de Grote van Macedonië had namelijk de opdracht gegeven de stad te bouwen. Hij wilde Europa en Azië, het Westen en Oosten met elkaar verbinden. 

 Op de kaart kunt u zien dat een smalle zeestrook de scheiding vormde tussen beide werelddelen en dat de ruïnes van Troas en Troje aan die zeestrook lagen. 

Bij het dorp Ezine  neem ik een taxi naar het ruïnegebied. (In deze regio is helemaal geen openbaar vervoer. 

De overblijfselen van wat eens machtige gebouwen geweest moeten zijn, liggen schots en scheef door elkaar.

Ik herken het stadion, het theater en de stadsmuren tussen de meters hoge distels.  Klauterend en kruipend over de steenblokken bemerk ik hoe groot de stad geweest moet zijn.

 Ik  denk eraan dat hier in Troas Alexander de Grote uit Macedonië zijn speer in de grond gestoken heeft als teken dat hij vast van plan was Azië aan zich te onderwerpen.

Paulus heeft hier óók gestaan, zonder speer en zonder zwaard, vast van plan om Europa voor Christus te winnen  Paulus en zijn metgezellen gaan in precies tegenovergestelde richting

Lucas sluit zich aan

Hier in Troas heeft Lucas dus zich bij Paulus  aangesloten. Voortaan gaat hij met Paulus en zijn vrienden mee.

Met z'n vieren (Paulus, Silas, Timotheüs en Lucas) hebben zij zich in Troas ingescheept voor de overtocht naar Macedonië, de streek in het noorden van Griekenland, toen een Romeinse provincie. 

 U moet er eens op letten dat Lucas, de schrijver van het boek "Handelingen" in Hand.  16:10 voor het eerst de 'wij'- vorm gebruikt: ´

 Toen Paulus het gezicht gezien had, zochten wij dadelijk gelegenheid om naar Macedonië te vertrekken.'. [2] In Troas  heeft  Lucas zich  dus bij  deze tweede zendingsreis aangesloten  en is hij oog-en oorgetuige van alles wat Paulus beleeft. Paulus zal wel heel verbaasd geweest zijn toen hij Lucas ontmoette.

 Hij heeft de oversteek naar Macedonië  gemaakt,  maar hij is  blijkbaar op deze tweede zendingsreis van de apostel niet verder gekomen dan Filippi.  Daar is hij blijven 'hangen', want de 'wij-vorm' keert pas weer terug pas als Paulus op zijn derde  zendingsreis  op weg naar Jeruzalem is.

Dan gaat het gezelschap niet van Troas naar Macedonië maar van Macedonië naar Troas, in omgekeerde richting dus. [3]

Paulus is met Lucas en zijn andere reisgenoten  minstens drie keer  in Troas geweest.  Op de heenreis naar Macedonië tijdens zijn tweede zendingsreis en op de heen reis naar en op  de terugreis uit Macedonië tijdens zijn derde zendingsreis.  Op de heenreis van zijn tweede zendingsreis kreeg hij dat bekende visioen over  die Macedoniër Kom over en help ons en op de terugweg van zijn derde zendingsreis hield hij die lange toespraak in Troas, voordat hij de volgende morgen naar Assus vertrok. Maar op de heenreis van zijn derde zendingsreis was hij ook al  in Troas.  Daar was voor hem een deur geopend (2 Kor.  2:12)

Van Troas naar Macedonië

Ik denk er aan hoe  Paulus in Troas iets merkwaardigs heeft gezien. 

Hij krijgt een"gezicht".  Het is niet de verschijning van de levende Heer zelf, zoals jaren geleden toen hij op weg was naar Damascus.

 Maar het is een "gezicht". Ik laat in het midden of het een droom betrof of een visioen.  Hij ziet in ieder geval een  Macedoniër staan die roept:"Kom over en help ons!"

Deze man zit niet, maar hij staat Hij wenkt met zijn hand. God gebruikt dit gezicht om Paulus attent te maken op de geestelijke nood van Europa. 

 Het is niet de kerk die roept, noch de apostel die wenkt, maar een Macedoniër die een nieuwe wereld vertegenwoordigt. Aan de overkant van de zeestraat lag Macedonië.

Hoe wist Paulus nu dat het een Macedoniër was? De Macedoniërs hadden een  aparte klederdracht. 

 Ze droegen altijd een brede zonnehoed. en de Macedoniërs staken ook vaak de zeestraat over naar Troas. 

 Ja sterker nog.  Troas was een Macedonische kolonie.

Wandelend langs de haven van Troas zal Paulus dus tal van Macedonische matrozen hebben ontmoet. Zo ver hoeven nog niet te zoeken, want Paulus sprak net als de Macedoniërs vloeiend Grieks.

Van Macedonië naar Troas

Als Paulus op zijn derde zendingsreis uit Macedonië voor de derde! maal in Troas komt, zal hij daar zeer zeker enkele gemeenteleden hebben ontmoet die  hij op zijn tweede reis heeft leren kennen. 

 Lucas  was daar al enige tijd geweest vóórdat Paulus arriveerde.   Misschien had hij daar een tijdelijke woning als scheepsarts gevonden, zoals sommigen vermoeden. Lucas was niet alleen arts [4], maar hij was ook iemand die zeer goed op de hoogte was van de scheepvaart.

 Er is niemand in de oudheid die zo deskundig geschreven heeft over het varen op zee

 We weten niet bij wie Paulus op zijn terugreis naar Jeruzalem in Troas gelogeerd heeft. Ik  vermoed dat hij bij Carpus  een paar nachten  doorgebracht  heeft, want in zijn woning heeft hij later zijn mantel en enkele perkamenten laten liggen.

 Als hij jaren later in de gevangenis in Rome zit, vraagt hij in zijn  brief   aan Timotheüs of hij – als hij hem in Rome komt opzoeken – de mantel en de perkamenten wil meenemen  die hij bij Carpus heeft laten liggen. [5]

 In Rome was het wellicht  winter geworden en een jas kon hij goed gebruiken.

 Het is natuurlijk mogelijk dat Lucas Paulus op de woning van Carpus attent heeft gemaakt. Als Paulus schrijft dat hij zijn boeken daar heeft laten liggen in Troas, hoeft dit ook nog niet te betekenen dat hij ze vergeten heeft.

Hij kan ze daar hebben achter gelaten omdat hij het te lastig vond ze mee te nemen.

 Bij Carpus waren ze veilig.

 De woning van Carpus kan ook een soort operatiebasis van de apostel geweest zijn.  Troas lag immers ook zo centraal ten opzichte van Europa en Azië

Je kunt je tenslotte afvragen of  Paulus ook  in het huis van Carpus  die lange toespraak gehouden heeft waarover we lezen bij Lucas.[6]

Zo ja, dan bezat zijn huis een ruime bovenzaal waar tal van lampen konden branden. [7]

Eutuches   is dan in zijn woning  tijdens de lange toespraak van Paulus in slaap gevallen en uit het open venster getuimeld.

Hij zal daar zijn gaan zitten omdat het in die zaal zo warm was geworden.

Misschien dat Paulus toen zijn mantel over deze jongen heeft  uitgespreid en is hij vergeten de mantel mee te nemen toen hij de volgend heel vroeg naar Assus vertrok Zie ook bij Assus.


  • [1]Col:4:14 :
  • .“Kijk eens wat ik heb meegebracht, Paulus, zegt Lucas tot de apostel Dit is het geconcentreerde sap van de echte aloë. Hij ruikt niet alleen heerlijk maar het is ook een uitstekend laxeermiddel. Ik heb ook verschillende Mesopotamische harsen op de kop kunnen tikken. Dit is bijvoorbeeld styrax, een balsemachtige hars, die ik graag gebruik als hoestmiddel en ontsmettingsmiddel.
  • Kijk, hier heb je nu galbanum, een soort gomhars uit Syrië, dat ik al in Antiochië toepaste. Ik gebruik het tegen winterhanden, krampen en het vullen van gaatjes in kiezen. Verder heb ik wat alruin in droge poedervorm kunnen kopen voor de behandeling van slangenbeten. Perubalsem en kamfer kun je ook niet missen. En dit is mirre. Vermengd met wijn (Marc. 15 : 23) is het een van de beste pijnstillende middelen”.
  • Je kunt wel zien dat je medicijnen gestudeerd hebt, zegt Paulus.Het schijnt dat de geneeskunst bij de Assyriërs en de Egyptenaren  reeds vroeg op een hoog peil stond. Waarom hebben de Joden het niet zo ver gebracht?
  • “De Joodse artsen hebben altijd de handicap dat het aanraken van een lijk hen onrein maakt en dat het verrichten van secties verboden is. Daardoor wordt het onderzoek sterk belemmerd” antwoordt Lucas.“
  • [1]Hand. 16: 6  Maar wij voeren in de dagen van de ongezuurde broden van Filippi af en kwamen binnen vijf dagen bij hen in Troas aan.
  • [2]Er zijn in het boek Handelingen drie 'wij-stukken'
  • Hand.  16:10-17 van Troas naar Filippi
  • Hand.  20:6-21:18 van Filippi naar Jeruzalem
  • Hand.  27:1-28:16 van Caesarea maar Rome
  • [3] Hand. 16: 6  Maar wij voeren in de dagen van de ongezuurde broden van Filippi af en kwamen binnen vijf dagen bij hen in Troas aan.