ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

Israël (Judea)

Open / Sluit fotoboek


Israël (Judea)

 

 Judea overzicht

 

 

Jordaan

 

Kaartje

 

 

Woestijn van Judea (Zie ok bij woestijn)

 

Hieronder heb ik enkele plaatsen in Judea bij elkaar gebracht met uitzondering van Jeruzalem, omdat ik voor deze stad een apart bestand heb gereserveerd onder het hoofd Israël-Jeruzalem.  De Olijfberg en Getsemane reken ik tot Jeruzalem omdat

hun betekenis zo nauw met deze stad is verbonden.Onder de naam  Judea kunnen eventueel alle plaatsen en onderwerpen ondergebracht worden die samenhangen met de naam Judea.

De Jordaanvallei en de Jordaan. Deze is onbevaarbaar en vormt de grenst van Judea, zie foto's.            

Toen Jezus geboren werd regeerde Herodes de Grote over Judea. Archelaüs werd zijn opvolger (Luc. 2 : 22). Nadat Archelaüs  door de Romeinse keizer was afgezet, werden Judea en Samaria geregeerd door Romeinse stadhouders. De bekendste is  Pontius Pilatus.

Herodes de Grote, de kindermoordenaar van Betlehem was nog een echte koning over een uitgestrekt rijk, onder andere over Judea, Samaria en Galilea.

Maar na  zijn dood werd zijn rijk verdeeld onder zijn zoons Archelaüs, Herodes Antipas en Filippus. Jezus heeft tijdens zijn leven het meeste te maken gehad met Herodes Antipas, die de titel droeg van 'tetrarch" (viervorst)van Galilea. Hij bouwde de stad Tiberias als residentie.

In Galilea begon Jezus ook zijn openbare optreden.  Filippus, de derde zoon van Herodes de Grote, werd belast met het gebied in het noorden, bij de bronnen van de Jordaan, Iturea en Trachonitis. Zie kaartje.Hier beperk ik me dus tot enkele plaatsen in Judea.

Om van Galilea naar Judea te reizen kon je de kortste route nemen, namelijk die door Samaria, maar omdat Joden en Samaritanen meestal met elkaar overhoop lagen, reisde men meestal via de Jordaanvallei en Jericho, zoals Jezus deed op zijn laatste reis naar het Paasfeest in Jeruzalem. Je passeerde dan de Olijfberg

De eenzaamheid van de bergen van Judea! In dit gebied lag ook de geboorteplaats van Johannes de Doper, Ein Karem.