ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

Hermonberg godenberg

Open / Sluit fotoboek


Hermonberg godenberg

 

 

 

 

 

De dichter  van Psalm 42 bevindt zich in het uiterste noorden van Israël, aan de voet van de godenberg Hermon, bij de oorsprongen van de Jordaan. De goden waren gehuisvest op de hoogste bergtoppen. Met donderend geweld storten de  watermassa’s hier omlaag. Op de toppen van de Hermon woonden de goden. De belangrijkste god was Baäl. Dat was in de tijd van David. Duizend jaar later waren de toppen van de Hermon nog steeds residenties van goden. Het waren toen Griekse goden, zoals Zeus.

 

Religieus centrum 

 

De omgeving van de Hermon  was altijd een zeer religieus gebied. De bewoners brachten hier offers aan die goden. Op geen enkele plaats was je verder van het heiligdom in Jeruzalem verwijderd dan hier. Nergens kon je in deze puur heidense omgeving een spoor vinden van de levende God. Jeruzalem was ver weg De tempel was ver weg. En  God was ver weg. David is in psalm 42  zijn God kwijt.’Waar is God toch?” Ook de mensen in zijn omgeving spreken hem aan: Waar is jouw God nu? De watermassa’s dreigen hem te verzwelgen. Zijn vijanden dreigen hem te verpletteren. Maar het ergste is toch wel dat God daarin de hand heeft::Al uw golven slaan zwaar over mij heen’(vs 6b) 

Ook Jezus

 Uitgerekend in deze omgeving wil Jezus, de grote zoon van David,  alle aandacht op zichzelf vestigen:Wie zeggen de mensen dat ik ben? Petrus  belijdt;U bent de Messias, de zoon van de levende God”.De golven van Gods toorn over de afgrondelijke  schuld en smeerlapperij van de mensheid zijn over Hem heengeslagen. Toen Hij aan het kruis hing, dreven de omstanders met Hem de spot:Waar is jouw God nu? 

Teken van de doop

 De onstuimige watermassa’s van de gesmolten sneeuw van de Hermon zijn een teken van de doop. De messias is ten onder gegaan in de vloed van Gods gericht. Maar ook wij zijn met Christus ten onder gegaan in die watervloed . Dat is de diepste betekenis van de doop.  De doop is ons watergraf. Wij zijn met Hem begraven in de watervloed, maar ook met Hem verrezen in de Paasnacht. (Rom. 6:2) Zo is de Christus voor ons een bron van eeuwige vreugde.