ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

Christusbeeld /Jezusbeeld

Open / Sluit fotoboek


Christusbeeld /Jezusbeeld

 

 

In muur van een abdij vond ik deze inscriptie:

Ik ben het licht en je ziet me niet

Ik ben de weg en e volgt me niet

Ik ben de waarheid en je gelooft me niet

Ik ben het leven en je zoekt me niet

Ik ben je vriend en je bemint me niet.

 

 Christusbeeld of Jezusbeeld (2) 

 

 

 

 

Het beeld staat. Het is een standbeeld. Jezus is staande afgebeeld. Dat zegt heel wat. Als Jezus iets ging vertellen of uitleggen zat Hij altijd. Maar als Jezus een boodschap had ging Hij staan. Dan verhief Hij zijn stem en riep Hij. Ik zie in dit Poolse beeld de roepende Jezus, zoals hij riep als een waterverkoper op het Joodse Loofhuttenfeest (zie bij Loofhutten):”Als je dorst hebt moet je bij Mij zijn. Ik heb levend water” Hij riep anders dan de Farizeeën.

 

 

Het Poolse beeld heeft in tegenstelling tot dat van Rio de Janeiro een kroon

 

 

Christusbeeld te Rio de Janeiro

 Farizeeën riepen ook 

De Farizeeën riepen ook maar zij legden een zwaar juk op de schouders van hun volksgenoten. De Tora hadden ze uitgebreid met vele regels en gebodjes. In totaal 613 voorschriften. Die vormden een zwaar, pijnlijk en schurend juk. Niet alleen trekossen, maar ook wijnverkopers en waterdragers hadden een houten juk op hun schouders. Aan beide zijden van dat houten juk was met kettingen of touwen een last vastgemaakt. Zo’n houten juk was vaak hard en ruw en vooral als de weg omhoog liep ging dat juk pijn doen aan je schouders. Lastdragers droegen een hard juk en torsten allemaal een zware last. Jezus vergelijkt zijn tijdgenoten met jukdragers en lastentorsers. Ze werden mateloos belast en grenzeloos moe. Jezus gaat staan en Hij roept :”Komt tot Mij, jullie die vermoeid en belast zijn. en Ik zal jullie rust geven. (Matt. 11: 28). Mijn juk is zacht en mijn last is licht.

Wellicht wilden de Polen Jezus uitbeelden met een zegenend gebaar. Het liefst had ik gezien dat Hij zijn handen voor de mond had gezet als een toeter. Hij is de roepende Heer. Christus roept geen sterke en vitale mensen, geen sterren en strebers, maar losers, verliezers en vermoeiden. Komt tot Mij, jukdragers en lastentorsers! 

Christusbeeld of Jezusbeeld?

 

Het Poolse standbeeld voor Jezus is voor mij een aanleiding om het verschil tussen de namen Jezus en Christus eens te bekijken. Natuurlijk is het geen Bijbelse plaats, maar het heeft toch veel met Bijbelse plaatsen te maken zoals Bethlehem en Golgota. Het Christusbeeld in Rio de Janeiro op de Corcovado draagt de naam ‘De Verlossser’. Het beeld in Polen heeft een kroon.

Er zijn veel mensen geweest die de naam Jezus droegen. Van hen zal ook

wel eens een beeld gemaakt zijn.  Een Jezusbeeld dus. Een stenen beeld als versiering van de tuin. Jezus is een gewone Joodse naam.

 Christus 

 

Met de naam  Christus is het heel anders gesteld. Die naam betekent de Gezalfde. In het Oude Testament werden koningen, hogepriesters en profeten gezalfd. Ze werden met een kruikje zalfolie overgoten en daarmee als koning, hogepriester  en profeet aangesteld. Voor ons als christenen is er uiteindelijk maar Éen die naam mag dragen: Jezus Christus.  Die naam is een belijdenis. Jezus is dé Christus, de Gezalfde en Hij alleen. Hij is door God aangesteld als onze enige koning, hogepriester  en profeet. In deze naam komt het unieke van het persoonsgeheimenis van onze Verlosser tot uitdrukking: Hij is echt mens, maar deze mens is ook door God als onze enige koning, hogepriester en profeet uitgeroepen.

 Jezus is de Christus 

Hij moet dus ook wel echt God zijn. Dat heeft de Kerk van alle eeuwen in de geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel ook duidelijk beleden:Jezus is echt God, “één van wezen met de Vader”.Deze belijdenis klinkt voor moslims en voor joden als een godslastering. Maar ook voor sommige christenen is dit een brug te ver. Je mag Jezus wel een groot profeet noemen, (zeggen de moslims) een leraar, een tsaddiek (zeggen de Joden) een engel of een charismaticus (zeggen sommige theologen) , maar je mag Hem niet God noemen. Weet u waarom de Farizeeën zo’n vreselijke hekel aan Jezus hadden? Omdat Hij volgens hen suggereerde dat Hij net als God de zonden kon vergeven. En dat was voor hen godslasterlijk. De Polen noemen het beeld het Christusbeeld en dat houdt dus in dat  zij geloven dat Hij méér is dan alleen maar een mens.

 

Gods Zoon? 

 

Is Jezus  dan Gods Zoon?  Hebben we in Jezus met God zelf te maken? Dat is een cruciale vraag.  Sommigen zeggen: Nergens heeft Jezus  gezegd “Ik ben God”.Dat is waar maar Hij heeft wel alles gedaan wat alleen God kon doen en gedaan heeft! Zonden vergeven, doden opwekken, brood vermenigvuldigen , storm stillen, enz. Een bekende opvatting is dat de kerk Jezus vergoddelijkt heeft onder invloed van het Griekse denken. Jezus zou in de beleving van gelovigen pas God worden nadat de kerk zich had losgemaakt van het Jodendom. Jezus als God zou een liturgische laatbloeier zijn. De Joden wilden beslist geen mens als God vereren en de kerk zou pas tot de belijdenis  van Jezus goddelijke afkomst zijn gekomen, toen zij zich had losgemaakt van het Jodendom.

 

Schokeffect  

Maar wat blijkt nu? Het waren na Jezus’ verrijzenis juist de Joden die met een schok  tot de erkenning kwamen dat Jezus van Hoge Komaf moet zijn. De kerk is ontstaan uit Joodse schokeffecten bij de opstanding van Jezus. Het waren allereerst Joden die tot de ontdekking kwamen dat zij in Jezus met God Zelf te maken hadden. De ongelovige Thomas bijvoorbeeld was er helemaal onderste boven van:’Het is dan toch waar? Jezus is toch opgewekt?’ Als hij Jezus de verrezene ontmoet , kan hij alleen maar uitbrengen “Mijn Here en mijn God.” En heus niet pas toen hij beïnvloed was geworden door het Griekse denken.  Uit de vroegste brieven van Paulus die we dateren rond het jaar 50, blijkt dat allerlei vormen van verering van Jezus al zijn ingeburgerd en dat zijn naam wordt uitgesproken bij de doop. De vroegchristelijke hymnen die we in de teksten ontdekten, prijzen Jezus als God!

  

Niet helemaal God? 

Vanaf het vroegste begin van de christenheid wordt Jezus al als God aanbeden.   Jezus is  niet geschapen als de engelen, luidt de kerkelijke belijdenis, maar gegenereerd, voortgekomen uit de Vader. God is niet denkbaar zonder Jezus Christus. God heeft nooit geleefd zonder Hem. Als we in Christus God zelf niet ontmoeten, kennen we God niet werkelijk. Zonder Christus denken we dat God in wezen zo is als wij, dat het Hem om macht gaat. Buiten Christus kunnen we God niet kennen. Christus is helemaal God of Hij is het helemaal niet.

Als Christus niet helemaal God is, worden we niet door God verlost.

Dit waren enkele gedachten naar aanleiding van het Poolse Christusbeeld