ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

Altaren / Gedenkstenen 2

Open / Sluit fotoboek


Altaren / Gedenkstenen 2

Altaren /Gedenktekens

zie ook Altaren en Offerhoogten (1). Altaren en Gedenktekens (2), Altaren en Kanaänieten (3), Altaren en Israël (4) Altaren en Kerk (5) Altaren en  Muziek (6) 

 

 

 

Ook in onze tijd zie je dikwijls gedenktekens, zoals hier     als herinnering aan de slag van Maraton, waar de Grieken verhinderden dat Europa bezet gebied van de Perzen werd

 

 

 

Hier stond het altaar van Zeus in Pergamon, Het was ook een gedenkteken.

 

 

Jordaan was vroeger veel breder. De Jordaan was een grensrivier, die moest overgestoken om in het Heilige Land te komen

 

 

 

Israel kwam uit het land van Moab en bij de Jordaan moest het volk beloven om een gedenksteen op te richten bij Ebal. De berg Ebal lag bij de berg Gerizim, in het midden van het beloofde land. Daar zouden de stammen bij elkaar komen enhet verbond zou vernieuwd worden

 

 

 

 

 Er waren ook altaren opgericht  als  monumenten. Zoals wij oorlogsmonumenten kennen. Het waren steunpunten voor het geheugen. Ze waren niet gebouwd om te offeren ,maar om te gedenken of een gemaakte afspraak te bevestigen. Daarvan is sprake in  Jozua 22: 26,27 Daar lezen we:

” Daarom zeiden we tegen elkaar’ Laten we een eigen altaar bouwen. Het is geen altaar voor brandoffers en vredeoffers, maar een altaar dat kan getuigen van de afspraak tussen U en ons en onze nakomelingen.” Het ging om de bevestiging van een gesloten overeenkomst. Namelijk die van Gods Verbond met Israël. Het ging daarbij om het beamen van de eindeloze trouw van de HEER, de God van Israël.Hier functioneerde het altaar dus niet als offerplaats. Dat was echter wel een uitzondering .

 

Feestelijk gedenken

Ik denk ook  aan die passage uit de Bijbel, waar we lezen over de plechtigheden na de oversteek van het volk Israël over de Jordaan (Deut.27:4). “Plaats, zodra u de Jordaan bent overgestoken, de stenen op de Ebal..

 

 

.B0uw daar bovendien een altaar voor de HEER uw God van stenen die niet met ijzeren gereedschap bewerkt zijn” (vers 5).Er worden op dit altaar weliswaar brandoffers en vredeoffers gebracht, maar het is vooral een gedenksteen. In het Hebreeuwse taaleigen is gedenken allereerst vieren. “Gedenk de sabbat dat ge die heiligt”, betekent: viert die dag. Maak er een echt feest van. Dat wordt er in Deut. 27: 6 ook zeer nadrukkelijk bij vermeld”Breng er vredeoffers en houd een feestmaal ten overstaan van de HEER uw God.” Bij die gedenksteen werd het volk er aan herinnerd, dat het een bevrijd volk was geworden. Het was nu het volk van de HEER. En daarom moest Israël God gehoorzaam zijn en zijn wetten onderhouden

 

Ebal

Het gaat om de aanwijzing om direct na de overtocht over de Jordaan op de berg Ebal in het centrum van het land grote stenen op te richten die met kalk te bestrijken en daarop klaar en duidelijk al de woorden van de wet van Deuteronomium te schrijven. Op zijn minst de hoofdstukken 12-26.

 

Van steen naar kalk

De inzettingen en verordeningen van Deuteronomium zijn in natte kalk geschreven (Deut.27:3). Anders dan de Tien Geboden die in het steen van de twee tafels waren gegraveerd! De natte kalk moeten we zien als een teken van het voorbijgaand karakter van de deuteronomiumse voorschriften. Die geschriften waren onderhevig aan de weersomstandigheden. Het schrift kon er afregenen, letterlijk en figuurlijk. Terwijl de in steen geschreven Tien Woorden blijvend zijn. Dat voorbijgaand karakter van de voorschriften komen we telkens tegen in het boek Deuteronomium. Bijna nooit kom je bepalingen tegen die je vandaag nog kunt toepassen. Je moet zoeken naar de achterliggende beginselen. De Bijbel is geen wetboek en eigenlijk ook al niet voor Israël. Ook Israël moest meer letten op de geest dan op de letter van het geschrevene.

 

Meer religieus dan ethisch

Het boek Deuteronomium is meer een religieus dan een ethisch boek. Het gaat ook daarin om het gedenken van de grote daden van de barmhartige God van Israël die zo totaal anders is dan Allah.  Zie bij Bijbel en Koran.!Al die regels en voorschriften zijn in natte kalk geschreven. Ze zijn onderhevig aan de slijtage van de weersinvloeden van de tijd. Wat blijft voor alle tijd is het eeuwig evangelie (Openb. 14:6).