ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

Arameeërs

Open / Sluit fotoboek


Arameeërs

 

 Syrisch orthodoxen

 

Het Syrisch-Orthodoxe kerkje in Dyarbakir (Oost Turkije) van de Arameeërs. De Aramese gemeenschap wordt ook wel aangeduid als de Syrisch-orthodoxen.  Ze leeft in Turkije, Syrië en Irak.  Velen van hen  zijn gevlucht naar Europa.

In Nederland woont een belangrijk deel in Oldenzaal, Rijssen, Hengelo en Enschede. In Turkije worden de Arameeërs niet als een etnische groep erkend. 

Aramese dorpen hebben een Turkse naam gekregen en Aramese achternamen zijn verboden. Een belangrijk centrum  voor de Arameeërs troffen we indertijd aan in Midyat. Ook in Dyarbakir in Oost-Turkije. Er wordt gezwegen over de genocide op Arameeërs en Armeniërs in de vorige eeuw. 90 % van de Arameeërs  is toen uitgemoord.

De Arameeërs hebben een etnische identiteit. Bij hen speelt het afscheidings-ideaal niet, maar wel bij de Koerden. In Turkije wonen slechts 30. 000 Arameeërs, maar in Irak twee miljoen en in Syrië anderhalf miljoen. In Irak wordt wel gelobbied voor eigen zelfstandig gebied door de Arameeërs.

 

 Een verslag van René Zeeman en Anton Dommerholt die enige tijd logeerden in een Aramees gezin.(Ref.Dagblad)

 

Vanaf haar dakterras heeft de Syrisch-orthodoxe familie Hadodo een prachtig uitzicht over de stad Mydiat.

 Alleen de woning van de vroegere burgemeester ligt misschien een meter hoger. In de onmiddellijke nabijheid van het huis staan vier kerken. Op meer afstand staan de moskeeën. Het zijn er veel, heel veel.

Wie de bebouwde kom van een Turkse stad binnenrijdt, ziet onder het plaatsnaambord een aanduiding die het inwonertal van de gemeente aangeeft. Onder Mydiat staat: 56.000. „Dat aantal klopt niet”, zegt de Syrisch-orthodoxe Ruben Hadodo, „het zijn er zeker 80.000 tot 100.000. Hier in het zuidoosten van Turkije hebben veel Koerden meer dan één vrouw. Soms hebben ze er wel drie. Officieel mag dat niet, maar het gebeurt gewoon.”

Mydiat

De Syrisch-orthodoxe christen Ruben Hadodo (35) heeft gewoon één vrouw, Semira (34), bij wie hij een dochter-tje heeft: de veertien maan-den oude Sara. De drie wonen in bij Rubens vader en moe-der: Samuel (70) en Susan (68).

Het gezin, dat in het oude deel van Mydiat woont, is een van de 120 christelijke gezinnen die de stad nog telt. In het verleden was 90 tot 95 procent van de bevolking christelijk, nu is dat amper1 procent.

Mydiat ligt in het zuidoosten van Turkije tussen de Eufraat en de Tigris in een streek genaamd Tur Abdin, ”de berg van de dienaren van God”. Honderd jaar geleden woonden er in Tur Abdin meer dan 200.000 Syrisch-orthodoxe christenen. Vandaag de dag zijn er nog slechts 3000 Syrisch-orthodoxen in het zuidoosten van Turkije.

Genocide

Bij de Armeense genocide (1915) moesten ook de Syrisch-orthodoxen het ontgelden. Een stad als Mardin, die op 80 kilometer van Mydiat ligt, werd bijna volledig uitgemoord.

Op de genocide volgden onderdrukking en discriminatie. De Suryoye, zoals de Syrisch-orthodoxen zichzelf noemen, zaten bovendien klem tussen het Turkse leger en de Koerdische terreur-organisatie PKK. ’s Avonds klopten Koerdische strijders regelmatig aan om voedsel. De christenen hadden geen keus. Als ze weigerden, konden ze rekenen op de kogel.

Het leger sommeerde de Syrisch-orthodoxe christenen daarop hun dorpen te verlaten, officieel omdat de Turkse strijdkrachten niet langer de veiligheid van de christenen konden garanderen.

Dus trokken de Suryoye bij duizenden naar de grote steden in het westen van Turkije, zoals Istanbul, of naar West-Europa. Sommigen verlieten ook om economische redenen het land van hun vaderen. De werkgelegenheid en de bijstandsuitkeringen in Zweden, Zwitserland, Nederland en Duitsland oefenden grote aantrekkingskracht uit op de mensen.

Rubens vader –„ik was een echte schoenmaker, geen reparateur”– trok in 1972 als gastarbeider naar Zwitserland, waar hij in een fabriek terechtkwam.

 „Het doel was voor enkele jaren te gaan en dan terug te keren”, aldus Samuel. De ”enkele jaren” werden er niet minder 31.

 Hij liet na twee jaar zijn vrouw en zijn zeven kinderen overkomen. Nog weer later volgde zijn moeder, toen die weduwe was geworden. Samuel: „Mijn moeder is in Zwitserland overleden en begraven.”

Toen Samuel 65 werd keerde hij terug naar zijn geboortestad, naar het huis dat al eeuwen in het bezit van de familie is.